Wonen

Een andere soort nederzetting

We moeten dringend op zoek naar andere manieren om "in een nederzetting" te leven. Die nieuwe "vorm van nederzetting" zou ook de biologisch productieve oppervlakte van de aarde kunnen verhogen en deze is op zijn beurt de kwantificering die gebruikt wordt in het berekenen van onze ecologische voetafdruk (één mondiale hectare is de jaarlijkse hoeveelheid biologische productie op de aardbol voor menselijk gebruik en assimilatie van menselijk afval, per hectare biologisch productief land en visserij). Met zijn enorme ecologische voetafdruk is de rijke regio Vlaanderen (9 mondiale hectare volgens de meest recente studie) aan zichzelf verplicht om de technologie voor die nieuwe nederzettingen te ontwikkelen. Een manier om het proces van verandering in te zetten is ons te verbeelden (met constructieve prototypes) wat de voordelen en nadelen zouden zijn van het verhogen van de biologisch productief volume op de aarde in nieuwe nederzettingen. Als dit ervaarbare prototypes zijn die overal kunnen geconstrueerd worden, dan kan deze verbeelding verspreid worden (zonder dat fysisch contact nodig is) zodanig dat die verbeelding als baken kan dienen voor lokale verandering. Dit moet op zo'n praktische en universele manier omdat we beseffen dat gewoonten heel moeilijk te veranderen zijn en lokaal verankerd zijn.
Sinds de mens geen jager-verzamelaar meer is en zich dus vestigde in één regio waar hij aan landbouw kon doen, is de bevolking exponentieel toegenomen en werden er meer sociale contacten mogelijk, een nog grotere exponentiële verandering. Sociale contacten zorgen voor een snelle verspreiding van ideeën, maar ook van ziekten. Verspreiding kunnen we beschrijven door een R waarde: het aantal individuën dat beïnvloed wordt vanuit één ander individu. Deze waarde heeft in het grote publiek bekendheid gekregen met de huidige corona crisis maar geldt uiteraard niet enkel voor ziekten (een twitter bericht zou bijvoorbeeld een R waarde van 5 hebben maar vereist geen fysisch contact). Deze waarde kwantificeert de exponentiële groei of de exponentiële vernietiging in de loop van de tijd (van zowel gewilde doelen als ongewilde doelen, dat staat er los van). Dit verklaart ook de exponentiële groei van handel en transport want minstens water en voedsel moeten aangevoerd worden naar een permanente nederzetting en afval moet eruit verwijderd worden. Dit verklaart dan de immense ecologische voetafdruk van de regio Vlaanderen: we hebben een enorme impact op de natuur wereldwijd door onze manier van leven.
Overal ter wereld zien we een migratie naar steden en exponentieel meer interacties alhoewel fysische nabijheid voor veel informatieprocessen met de huidige technologie niet meer nodig is. De hele wereld migreert naar onze westerse gewoonten met hun constructieve maar ook destructieve gevolgen. De destructieve gevolgen kennen we ondertussen, laten we daarom maximaal inzetten op de constructieve vaardigheden zonder destructieve technologie te promoten. Gewoonten (zowel de constructieve als destructieve) worden bestendigd in een maatschappij die een diversiteit van ideeën onmogelijk maakt door enkel de begrippen schaarste, efficiëntie, kosten en de daaruit volgende prioriteiten te waarderen.
Reacties
  • Walter D

    ongeveer 2 weken geleden

    De korte schets van een nederzetting die de biologisch productieve ruimte op de aardbol verhoogt wordt met prototypes onderbouwd op http://designforeveryone.ugent.be/Aardbolschip/Een_aardbol_van_overvloed_v5.html

    • Walter D

      ongeveer 2 weken geleden

      Verbeeld je een drijvend eiland van 1 hectare op de oceaan. Het is een eiland gevormd door een dikke laag drijvende planten. Op die hectare wordt voedsel gekweekt. Dit eiland drijft niet in zeewater maar in een grote vijver, stel 10 hectare, zoet water. Zoet water drijft op zout water. Menging van beide wordt voorkomen door een membraan tussen zoet en zout. In die 10 hectare worden zoetwater vissen gekweekt. Het membraan dat de vijver opspant verhindert dat mineralen uit het eiland en uit het zoet water naar het zout water verdwijnen. De vijver wordt gebruikt voor irrigatie op het eiland en het water dat verdampt wordt aangevuld door neerslag. Het membraan wordt hoger dan de zoutwater golven gehouden door een autonoom drijvende constructie, stel met een oppervlakte van 100 hectare. Deze levert drijfvermogen dank zij een membraan onder de drijvende vijver die door de constructie opgespannen wordt en een gasbel onder water houdt. Het membraan dat onder de vijver opspant verhindert dat mineralen uit het zoutwater leven naar de bodem van de oceaan verdwijnen. Dank zij die constructie kunnen er ook zoutwater organismen geoogst worden, dit is verticaal naar beneden, op verschillende dieptes en dank zij het membraan ook op verschillende bodems. Dank zij een beperkte diepte zijn er overal voldoende zonlicht en mineralen. De constructie maakt het mogelijk ook in de lucht en verticaal naar boven biologisch productieve ruimte bij te bouwen die gevoed wordt door zoet water van de vijver.